Het is altijd handiger als iemand anders de kolen uit het vuur haalt.

Hij: “Maar neen buurvrouw, je hoeft je echt niet ongerust te maken. Ik hoor een beetje paniek in je telefoontje. Er is niets aan de hand. De Kortrijkse politie blijft onverminderd voor onze veiligheid zorgen. Ik ken de burgemeester goed. Alles is onder controle in Kortrijk, verzekert hij.”
Zij: “Ik hoop het buurman, ik hoop het. Maar ik heb toch een raar gevoel als de Kortrijkse korpschef zo snel de deur achter zich dicht trekt. Hij was hier verdorie nauwelijks in dienst. Heeft dat iets met dat nieuw stadsbestuur te maken?
Hij: “Hoezo buurvrouw?”
Zij: “Wel de vorige korpschef is toch ook vroeger dan normaal moeten vertrekken! ’t Schijnt dat het echt niet boterde tussen hem en de burgemeester. Zou daar weer iets aan de hand zijn?”
Hij: “Ach buurvrouw, ik merk dat je het nieuws van de laatste dagen niet helemaal gevolgd hebt. Er is een klein incidentje geweest tussen de korpschef en een van zijn manschappen.”
Zij: “Een klein incidentje, buurman? En voor dat klein incidentje vertrekt de korpschef spoorslags? Dat moet dan wel een héél klein incidentje geweest zijn.”
Hij: “Nu, zo klein was het niet. De burgemeester, die voorzitter is van het politiecollege, had de gouverneur gevraagd om te bemiddelen.”
Zij: “De gouverneur? Voor een klein incidentje? Kon de voorzitter van het politiecollege dat niet zelf oplossen?”
Hij: “Ik zie dat je niet veel kent van politiek, hé buurvrouw. Het is altijd handiger als iemand anders de kolen uit het vuur haalt.”
Zij: “’t Kan zijn buurman dat ik niet veel van politiek ken, maar mijn kleine teen zegt dat dat er vóór dat ‘klein incidentje’ toch al een en ander gebeurd moet zijn. Anders zou de voorzitter van het politiecollege, blijkbaar dus de burgemeester, die jij zo goed kent, zijn korpschef toch een beetje verdedigd hebben?”
Hij: “Dat heeft hij ook. Hij beklemtoont dat het zo’n goede korpschef was. Een vernieuwer. Een man van aanpakken. Zelfs de gouverneur zegt dat. Volgens de gouverneur was hij de man die het nieuwe politiekantoor na jaren lang leuteren eindelijk zou realiseren.”
Zij: “Breek nou mijn klomp, zouden de Nederlanders zeggen. Zo’n goede korpschef die men zo vlug mogelijk laat vertrekken? Mysterieus. Ik denk dat we het niet allemaal mogen weten, buurman. En ik ken misschien niet veel van politiek, maar mijn geheugen is nog prima. Zat die gouverneur niet zelf vele jaren in de gemeenteraad van Kortrijk, als lid van de meerderheid? Heeft hij dan al die tijd over dat nieuw politiekantoor mee geleuterd?”
Hij: “Buurvrouw, buurvrouw toch. Je weet toch hoe dat gaat. Als iemand weg gemanoeuvreerd wordt, strooit men toch altijd met bloemen. Kwestie van het leed te verzoeten, hé buurvrouw.”
Zij: “En dat ‘klein incidentje’ wordt nu niet verder meer onderzocht door het politiecollege? De man heeft niets misdaan?”
Hij: “Buurvrouw, er zijn kleine vissen en grote vissen.” 
Zij: “Hm. Ik blijf toch een raar gevoel hebben. Ik ken misschien niets van politiek, maar ik wil als burger van Kortrijk voor honderd procent op onze politie kunnen betrouwen. Zeg dat maar tegen de voorzitter van het politiecollege, buurman. Doei!

Welkom bij CD&V. Onze websites maken gebruik van cookies om jouw gebruikservaring te optimaliseren. Lees onze Cookie Policy voor meer informatie. Ons cookiebeleid en deze voorkeuren gelden voor alle CD&V-websites. Door op 'Akkoord' te klikken, ga je akkoord met de geselecteerde cookies.