Werklozen zijn welkom in het Kortrijks stadhuis. Of toch niet? Even luisteren naar een telefoontje op het kabinet van de burgemeester.

Hij: “Met het kabinet. Goede middag mevrouw!”
Zij: “Het kabinet?”
Hij: “Ja mevrouw, u spreekt met hét kabinet.”
Zij: “Welk kabinet bedoelt u meneer?”
Hij: “Het kabinet van de toekomstige minister van pensioenen, mevrouw. Of volgt u de media niet?”
Zij: “Ik kan inderdaad even niet volgen hoor. Ik dacht dat ik bij de burgemeester van Kortrijk was. En nu blijk ik bij de minister van pensioenen te zijn?”
Hij: “De toekómstige minister, mevrouw. Nu nog de burgemeester, straks de minister van pensioenen. Hoe kunnen wij u helpen, mevrouw?”
Zij: “Als minister of als burgemeester?”
Hij: “Ik ben maar een medewerker hoor. De burgemeester is er weer even niet. Zegt u mij maar wat er u op het hart ligt.”
Zij: “Wel meneer, ik ben werkloos en ik zou graag aan de stad werken.”
Hij: “Oei, dat is een probleempje, mevrouw. De stad Kortrijk probeert juist zo veel mogelijk mensen te laten afvloeien. We moeten besparen, ziet u.”
Zij: “Ik zou nochtans een hardwerkende Vlaming willen worden in het stadhuis…”
Hij: “Dat is een goed idee, een schitterend idee zelfs; maar de burgemeester zal u daarbij toch niet kunnen helpen. Tenzij u ondernemer wil worden natuurlijk. Want dan draagt hij u zeker in zijn hart. Kortrijk ondersteunt graag zijn ondernemers.”
Zij: “Misschien kan ik een nachtwinkel openen op de Grote Markt?”
Hij: “Oei, dat is ook een probleempje, mevrouw. Dat soort ondernemers bedoelen wij niet. Wij bedoelen échte ondernemers, durvers die geen risico schuwen, die vernieuwing brengen in de stad.”
Zij: “Dan heb ik misschien een vernieuwend idee. Ik kan een bureau oprichten dat controleert of er wel overal btw-briefjes gegeven worden?”
Hij: “Oeioeioei. We begrijpen elkaar niet helemaal, mevrouw.”
Zij: “Moet ik dan echt werkloos blijven? En later een kleiner pensioen krijgen? “
Hij: “Nu is het inderdaad te hoog, mevrouw. Maar de toekomstige minister zal dat in orde brengen. Zeker als u zelfstandige ondernemer wordt.”
Zij: “Maar ik dacht dat de burgemeester al eens minister van pensioenen is geweest? Waarom heeft hij dat toen niet geregeld?”
Hij: “Sorry mevrouw, maar ik moet nu weer aan het werk. Toch van harte bedankt voor uw telefoontje. Doei!”

Welkom bij CD&V. Onze websites maken gebruik van cookies om jouw gebruikservaring te optimaliseren. Lees onze Cookie Policy voor meer informatie. Ons cookiebeleid en deze voorkeuren gelden voor alle CD&V-websites. Door op 'Akkoord' te klikken, ga je akkoord met de geselecteerde cookies.